Sunday, 29 July 2007

Day 0: From sun to sea

Our first big trip in South Africa was a 2600 km drive from Cape Town to the Karoo semi-desert and back, which took us 9 days to complete. We left Cape Town on the early morning of 14th of July and got back in the evening of 22nd. Sceneries changed from empty mountain regions to indigenous forests, while main courses made the transition from Karoo lamb and ostrich steak to Kingklip and Cape salmon. We tried to pamper ourselves in comfortable guesthouses and star restaurants and let's face it, we fairly managed to do so. In South Africa living like a king, a queen and a prince is still possible without a royal budget.

Day 1: Cape Town - Oudtshoorn

Dag 1 was een lange rit van Kaapstad naar Oudtshoorn langs de R62. De uitzichten waren ronduit fenomenaal. In de Kaap was alles nog groen, eens achter de bergen werd het geel en rood en bruin. Hier de doorsteek door Cogman's Kloof naar Montague.

Esimene päev oli pikk sõit rohelisest Kapplinnast mägede pruunikas-kollasesse maastikku, vihmast ja külmast päikselisse ning palavasse poolkõrbe. Soe oli seal loomulikult ainult päeval, öösel tuli ikka poriloikudele (nii palju kui neid seal üldse oli) jääkirme peale.

Gelukkig was er tijd genoeg om het op het gemak te doen. In Calitzdorp bezochten we de warme zwavelbronnen.

See vesi on väga kuum. Iga natukese aja tagant tuleb veest välja jahutama tulla; veidi ringi jalutada või siis hoopis jääkülma basseini hüpata. Mul tuli kohe saun mõttesse: kuumal laval higistamine ja lumehange hüppamine.

En hoe dichter we bij Oudtshoorn kwamen, hoe meer struisvogels er langs de kant van de weg verschenen. De streek rond Oudtshoorn alleen staat in voor 97 procent van de globale struisvogelproductie. Vroeger voor de veren, tegenwoordig voor het vlees.

Jaanalinnud. Joonas kutsub neid grote vogel (suur lind). Iga kord kui me Jaanalinnu farmidest mööda sõitsime andis Joonas sellest leiust häälekalt teada, vahel võttis ka vantsikute vana teatribinokli välja ja jäi põhjalikumalt uurima.
Dat vlees werd 's avonds uitgeprobeerd in Oudtshoorn. Triin voelde zich helemaal op haar gemak in restaurant Kalinka. De eigenares was Russische en de bibliotheek stak vol Russische klassiekers.

Kalinka - tõenäoliselt ainuke restorant Aafrikas kus saab maitsva õhtusöögi kõrvale nautida Tsehhovi novelle või Tolstoi"Sõda ja Rahu". Paraku minu kehv vene keele oskus neid kirjatükke nautida ei võimaldanud, küll aga suutis Joonas tuvastada kõik kullatud A-d ja B-d ja C-d raamatu kaanel. Söök oli vene moodi rikkalik, vein Lõuna-Aafrikale omaselt suurepärane.

Day 2: Oudtshoorn - Beaufort West

's Morgens bezochten we de Cango Caves. Triin en ik waren jaloers op de één meter en nog iets van Joonas. Waar wij bijna niet door konden kreffelen, stapte Joonas al zingend verder. Maar waar één of andere mevrouw in het voorjaar nog een halve dag geklemd had vastgezeten, moest ook hij op de knieën verder.


Teine päev algas matkaga Cango koobastesse. Esialgu oli päris suur probleem Joonas matkale saada, tavaliselt ei lubata nii väikeseid lapsi osalema. Nagu hiljem selgus oli muretsemine asjata. Kui meie ronisime ja roomasime, kord pea ees ja siis jälle jalad ees, siis Joonas lihtsalt jalutas ja nautis koobast. Tõepoolest, kõige kitsamas kohas, kuhu ükskord üks daam pooleks päevaks kinni jäi, tuli temalgi käputada

Lunch bij de waterval... ja väike lõunauinak kose juures.
En dan het hoogtepunt wat mij betreft. Via de Swartbergpas van de Kleine Karoe naar de Grote Karoe, van de kleine halfwoestijn naar de grote halfwoestijn, van de kleine cactussen naar de grote cactussen, en van 5 km tussen de boerderijen naar 20 km tussen de boerderijen (lifters konden op ons medelijden rekenen).

Day 3: Beaufort West - Nieu Bethesda

We overnachtten in Beaufort-West op een game farm, een oude boerderij waar de koeien en de schapen plaats hebben gemaakt voor springbokken en giraffen. Die konden we 's ochtends met eigen ogen zien.

Triin is zot van gravelwegen. Samen met Bob Marley, Arcade Fire en de Gorillaz door de stilte en de leegte. Dwars door alles heen. People count: nog geen 5 auto's buiten de dorpen, lifters waren er niet. Animal count: een dode schildpad, een aardvark, een stervende steenbok, en springbokken, heel veel springbokken.
Het Uilhuis in Nieu Bethesda bewijst dat mijn grootvader in Vosselaar zo gek nog niet is. In de Breemsedijk staat er een half museum van bonzaibomen, verwrongen staal en vrouwen in gips tussen de appelbomen en de perelaars. Ergens nergens in Zuid-Afrika trekken gelijkaardige taferelen meer dan 10 000 bezoekers per jaar aan. Aha!

Day 4: Nieu Bethesda - Cradock

Na een dag in het lege hart van Zuid-Afrika, konden we geen betere slaapplaats bedenken dan deze schapenboerderij. Bij het ontbijt luchtte de boerin haar hart. Waarom moeten we de nieuwe regering betalen voor het water dat over ons erf loopt? Waarom klaagt ons zwart personeel nu over de toestand in de klinieken? En hoe leg ik mijn zoon van zestien uit dat hij nooit de nationale competitie voor jonge uitvinders kan winnen, enkel en alleen omdat hij blank is?
Een stevig ontbijt vraagt om een even stevige ochtendwandeling. Samen met de hond des huizes trokken we naar de rivier. We bouwden een dam en ketsten stenen op het water.

En dan opnieuw de auto in. Hoe vaak gebeurt het in België dat de voorruit en de achteruitkijkspiegel precies hetzelfde landschap tonen?
In het Mountain Zebra National Park kon Triin zich uitleven op de gravelwegen. Zij deed er ook een eerstegraads liefde op voor het dierenturen.


We logeerden in de Tuishuise in Cradock. Een echte aanrader als je ooit eens in de buurt bent. Voor 50 euro krijg je een mini-museum ter beschikking in een gerestaureerd arbeidershuisje.

Day 5: Addo Elephant Park

Dieren kijken is niet echt mijn favoriete bezigheid. Uren zoeken naar olifanten of, als het iets professioneler gebeurt, naar olifantenstront, is niet echt aan mij besteed. Toch staat een dag in Addo garant voor heel wat plezier. Wie begint er niet te mijmeren bij de symbiose tussen de witte reiger en de Kaapse buffel? En wie geniet er niet als twee olifanten besluiten om een robbertje uit te vechten? Zelfs op de achterbank werd het even stil!



Toch voor even...

Day 6: Tsitsikamma National Park

Tsitsikamma National Park is altijd al één van mijn favoriete plaatsen in Zuid-Afrika geweest. Op de kaart is het niet meer dan een splinter van een kilometer breed en vijftig kilometer lang, maar dichter bij Eden kom je echt niet. De geur van aronskelken en inheems woud verdringt er het jodium van de Indische Oceaan. Het geruis van de woeste golven botst er op tegen de kreten van de jungle. Een klauterpartij van tien kilometer bracht ons bij een waterval. Onderweg maakten we schommels van lianen en speelden we witte wieven. Ooit, zo beloofden we, komen we terug voor het vierdaagse Otter "voetslaanpad".



Day 7: Garden Route

Voor veel buitenlanders is de kust tussen Tsitsikamma en Mosselbaai het hoogtepunt van hun reis naar Zuid-Afrika. De N2 slingert er zich als een parelsnoer van toeristisch stadje naar toeristisch stadje en rijgt het ene visrestaurant aan het andere. Dat je er sowieso te veel betaalt, zullen ze je op de toeristische dienst niet vertellen. In de folders zul je ook niet lezen dat de echte Tuinroute niet aan de kust te vinden is, maar in het onherbergzame binnenland. Daar moet je zijn voor de goudmijnen, de verlaten kerkjes en de inheemse wouden die hun naam aan het gebied gaven. Niet in de drukte van Knysna of de shoppingcentra van Plettenberg Bay.


Day 8 and 9: Wilderness - Cape Town

De twee laatste dagen reden we op het gemak terug naar huis. We beperkten het aantal kilometers snelweg en stopten onderweg geregeld voor wat frisse lucht, een babbel of een knabbel.
"Steek de rivier over en sla rechtsaf bij de eerste eik", zo stond er te lezen op het bord. Dat beloofde. En effectief, het was de moeite. Zelfgeperst appelsiensap, zelfgebakken brood en soep met bonen uit de tuin. "En de quiche, die krijg je er zo bij". Zelfs de brooddozen van de collega's op het ISEG verbleken bij zo'n heerlijke lunch. "Komen hier veel mensen?" vroegen we de waardin. "Niet echt", moest ze toegeven, "de meeste mensen draaien nog voor de rivier terug".


Nog eens zwemmen in Montague...


En dan morgen terug naar school!
Reisi lõpp! :)

Saturday, 28 July 2007

Braai

Braai is a South African word to describe something delicious and tasty, fumy and spicy, hot and somewhat sooty. It begun with a great challenge to set up a fire and ended with a bit of a secret exploration in the fruit cocktail (just to get the last piece of pineapple).


Spring in Montague

The Estonian delegation's first weekend in South Africa, we drove to Montague, a warm spring in the mountains, 200 km from Cape Town. This was the only place in the vicinity of the Mother City where the weather was nice. Remember that it is winter in the Southern Hemisphere.


Hoe vertaal je Scherpenheuvel ook al weer in het Frans?
It is the end of the road as we know it.

Lerato

Here you see Lerato on a train trip to Simon's Town. Every Thursday evening, she comes to babysit Joonas. He is crazy about her, as she likes to learn to sing in Estonian or cook kiwi pasta or chocolate flavoured tomatoes. At the same time, we indulge ourselves in one of Cape Town's finest restaurants or bars. It is good to know dessert is waiting at home.



Rugby in Newlands

Het bier was belachelijk snel op en de thuisploeg verloor, maar wat een ambiance!


Westkust

Ten noorden van Kaapstad ligt de Westkust. Een weekend lang reden we er van dorp naar dorp, van strandwandeling naar zeevruchtenbanket. In de zomer is het in plaatsen als Langebaan en Paternoster ongetwijfeld ontzettend druk, in de winter viel daar niet al te veel van te merken.

The West Coast is a 100 km drive to the north of Cape Town. One weekend, we went from one village to the other, enjoying beach walks and sea food banquets. In the summer, places like Langebaan and Paternoster must be very crowded, but in the winter it was hard to find any other tourists.